Vaststellen van een omgangsregeling
Kinderen en hun ouders hebben een wettelijk recht op omgang met elkaar. In de meeste gevallen levert dat niet al teveel problemen op.
Eén van de ouders neemt de dagelijkse zorg voor de kinderen op zich. De kinderen verblijven daar het grootste gedeelte van de tijd. Met de andere ouder krijgen de kinderen een omgangsregeling. De vraag is dus niet of er contact komt tussen het kind en niet-verzorgende ouder, maar hoe dat contact wordt gerealiseerd.
De zogenaamde ‘standaardregeling' houdt in dat de kinderen een weekend in de veertien dagen en de helft van de schoolvakanties en feestdagen bij de niet verzorgende ouder doorbrengen. Afhankelijk van de leeftijd van de kinderen, persoonlijke omstandigheden, reisafstand e.d. kan een omgangsregeling anders ingevuld worden. De ouders kunnen uiteraard een regeling overeenkomen die zij het meest in het belang van de kinderen achten.
In ongeveer een kwart van de gevallen blijken er wel problemen rond de vaststelling en uitvoering van de omgangsregeling te zijn. Ook kunnen er in de loop van de tijd moeilijkheden over de omgang ontstaan.
Is er op enig moment geen omgang meer tussen een ouder en zijn kind, dan is het van het grootste belang dat op de kortst mogelijke termijn weer contact tussen ouder en kind ontstaat. Het is in het belang van de ontwikkeling van kinderen dat zij regelmatig contact houden met beide ouders. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen zijn er contra-indicaties tegen omgang. In zo'n geval zal, na onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming, de rechter uitspraak moeten doen of omgang al dan niet in strijd is met de zwaarwegende belangen van het kind.
Kinderen van 12 jaar en ouder worden door de rechter gehoord over een verzochte omgangsregeling.
Tips voor het goed laten verlopen van een omgangsregeling: - Kom afspraken over haal- en brengtijden na; - Praat nooit negatief over de andere ouder tegen het kind of waar het kind bij is; - Hoor het kind niet uit over de andere ouder; - Moedig contact met de andere ouder aan en sta het kind toe het leuk bij de andere ouder te hebben; - Overlaadt het kind niet met cadeau's; - Maak er niet steeds een feestweekend van; - Toon geen overdreven bezorgdheid; - Praat niet over de scheiding, tenzij het kind ernaar vraagt. Houdt het zo neutraal mogelijk; - Houdt nieuwe partners, zeker in het begin, zoveel mogelijk buiten de omgangsregeling; - Ga flexibel om met incidentele wijzigingen in de omgangsregeling.
Als gespecialiseerde familierechtadvocaten adviseren wij u graag over een omgangsregeling.
terug


